pedagogiek
/pe.daː.ɣoːˈɣik/
zelfstandig naamwoord
Origin
Oudgrieks
paidagōgos — kinderbegeleider, leraar
Overview
Meaning Now
- De wetenschap die zich bezighoudt met de opvoeding van kinderen en jongeren.
- De theorie en praktijk van het onderwijzen en opvoeden.
Literal older meaning
begeleiding van een kind
Language path
Oudgrieks → Latijn → Frans → Nederlands
Earliest form
pedagogie
Earliest period
17e eeuw
Journey
Oorspronkelijk was de 'paidagōgos' in de Griekse oudheid een slaaf die verantwoordelijk was voor het begeleiden van een kind naar school en het toezien op zijn gedrag. Pas later verschoof de betekenis in de Europese traditie naar de theoretische studie en de praktijk van het opvoeden zelf.
Evolution
- Oudgrieks
pais
“kind”
- Oudgrieks
paidagōgos
“slaaf die kinderen naar school bracht”
Letterlijk 'kindbegeleider'
- Latijn
paedagogia
“onderricht, opvoedkunde”
- Frans
pédagogie
“onderwijskunde”
- Nederlands
pedagogiek
“wetenschap van de opvoeding”
Met het achtervoegsel -iek (uit het Grieks -ikē)
Connections
Word parts
peda-
root
kind (van pais)
-gog-
root
leiden, begeleiden (van agōgos)
-iek
suffix
wetenschap of leergebied
Related across languages
Engels
pedagogy
pedagogiek
Duits
Pädagogik
pedagogiek
Explore next
Related to pedagogiek
External references use DefinedTerm semantics.