Skip to main content
Etymology

psycholoog

/psiˈxoːloːx/

zelfstandig naamwoord

Origin

Oudgrieks

ψυχολογία (psuchologia) — studie van de ziel

Overview

Meaning Now

  • Iemand die zich beroepsmatig bezighoudt met de psychologie, de wetenschap van het gedrag en de mentale processen van de mens.

Literal older meaning

Iemand die spreekt over de ziel (Grieks: psyche + logos)

Language path

Oudgrieks → Nederlands

Earliest form

psychologos

Earliest period

18e eeuw

Journey

De term is een modern gevormd woord (een neologisme uit de Renaissance) dat teruggrijpt op klassieke Griekse wortels. In de 18e en 19e eeuw verschoof de betekenis van de filosofische 'studie van de ziel' naar de empirische wetenschap van het menselijk gedrag.

Evolution

  1. Oudgrieks

    psukhē + logos

    “ziel + woord/leer”

  2. Nieuw-Latijn (16e eeuw)

    psychologia

    “de leer van de menselijke ziel”

    Geïntroduceerd in de vroegmoderne filosofie.

  3. Nederlands (19e eeuw)

    psycholoog

    “beoefenaar van de psychologie”

Connections

Word parts

psych-

root

ziel, geest

-oloog

suffix

beoefenaar van een wetenschap

Related across languages

  • Engels

    psychologist

    psycholoog

  • Duits

    Psychologe

    psycholoog

  • Frans

    psychologue

    psycholoog

Explore next

Related to psycholoog

Get the WordOrigin app

External references use DefinedTerm semantics.